Menu
Terug

Review: Met Fever gaat Balthazar voor zorgeloze pop

Artiest van de maand
Leestijd minuten
01 februari 2019

Baltazar ging een paar jaar geleden de ijskast in. De soloprojecten van de voormalige Balthazar frontmannen scoorden zo sterk dat de fans het ergste vreesden. Met Fever is de terugkeer van Balthazar een feit. Een verrassend anders klinkend album dat bewijst dat ze samen nog sterker zijn dan de som van hun getalenteerde delen.

Je hebt niet meer nodig dan …

… dat eerste handvol basnoten van die eerste single Fever, om te horen dat de Belgische indierockers Baltazar niet langer dezelfde zijn. Fever is ook het nummer dat de koers uitzette én zowel de titel als de toon zette voor dat hele vierde album. Een eerlijke en speelse song en de perfecte introductie voor een eerlijke en speelse plaat. Doorspekt met een zorgeloze ongedwongenheid van twee artiesten, die als één werken. Meer nog dan in de periode voor ze Balthazar even on hold zetten.

Op de waakvlam

Die pauze was onverwacht. Het ging immers goed met Balthazar.  Hun tweede album ‘Rats’ in 2012 koppelde klassieke pop aan een branie die kenners Gainsbourg-esk durfden te noemen. Goed voor de definitieve doorbraak naar de grotere podia. Het prestigieuze Franse Liberation noemde Rats zelfs het beste album van 2012. Opvolger ‘Thin Walls’ bevestigde met aanstekelijke grooves en gekartelde indie-rock. Toch voelden frontmannen Jinte Deprez en Maarten Devoldere zich niet langer op hun gemak. “Alles werd te routineus”

Devoldere en Deprez, beste vrienden en songschrijvers-partner sinds hun schooldagen, gingen dus even hun eigen weg.  Deprez kon zijn ei kwijt in J. Bernardt. Devoldere scoorde met Warhaus. Er was echter nooit ook maar enige twijfel dat ze elkaar uiteindelijk terug zouden vinden in Balthazar. Meer nog, het succes in hun solopwerk, ,wakkerde de zin om weer samen songs te schrijven alleen maar aan. Er was van beide kanten een nieuwsgierigheid naar hoe hun nieuwe, bredere muzikale horizonten op elkaar zouden inwerken.

Getalenteerde m*therf#%£r

“We herontdekten onze wederzijdse adoratie en respect door die projecten” zegt Devoldere. “Ik zag Jinte optreden en dacht bij mezelf ‘jij getalenteerde motherfucker!’ Als we samen op een podium zouden staan dan …”. Deprez was net zo onder de indruk. “Wanneer ik Warhaus live zag, verraste Maarten me compleet. Je denkt dat iemand na jaren en jaren wel kent, maar weet nog dat ik me afvroeg ‘waar haalde je hiervoor de inspiratie vandaan?’” De hereniging kwam er niet sneller of langzamer dan verwacht. Ze kwam er gewoon.

 

Fris en tijdloos

Eenmaal terug samen probeerden ze allebei indruk te maken op elkaar. Er was geen concreet plan of idee. Er was enkel de drive om hun vorig werk te overtreffen. En om “een nieuw verhaal te vertellen met Balthazar”. Devoldere “wou het lichter” en haalde daarbij de “frisse en tijdloze kwaliteit” aan van Talking Heads als een ambitieus referentiepunt. Deprez kon zich daar helemaal in vinden en ook hij acht de vorige albums “sloom en een tikkeltje melancholisch. Ik wou het minder ernstig, met ons meer rammelen op onze instrumenten … gewoonweg meer fun eigenlijk”.

Vanuit de heupen

Zelf weten ze niet precies meer hoeveel nummers ze schreven, maar het waren er veel. Sommige klonken als klassieke Balthazar-pop. Anderen iets opgewekter. Maar niets zat precies goed … tot Fever hen het referentiepunt gaf voor wat het album zou worden. “Het voelde nieuw aan, iets dat we nog niet eerder deden” zegt Devoldere. “Een van de redenen waarom we het die titel gaven en voor het album gebruikten is dat we er de temperatuur mee omhoog jaagden. Het maakte er een warmer album van. Het voelt op een bepaalde manier ook meer zuiders aan, met een zekere grooviness”.

 

Devoldere en Deprez zouden ooit gezegd hebben dat de eerste twee Balthazar albums uit het hoofd kwamen en het derde, Thin Walls, uit de buik. Waar komt Fever dan vandaan? “Deze komt zonder enige twijfel uit de heupen” lacht Devoldere. Je hoort dan ook vaak iets gracieus kronkelen in de ritmes en melodieën op Fever. Van de art-jazz in ‘Roller Coaster’ en ‘Wrong Faces’ tot de zonovergoten tropicalia van ‘I’m Never Gonna Let You Down’.  Dit zijn nagenoeg stuk voor stuk song voor lovers en dancers. De sax-solo op ‘You’re So Real’ is overigens zo sensueel dat je hem haast horizontaal mag noemen.

Bekijk commentaar () Verberg commentaar ()